Opinie
Waterstof Rijnmond moet van de rem – Juni 2008
Waterstof biedt schitterende mogelijkheden als energiedrager voor de toekomst, vooral voor mobiele toepassingen. Probleem is het langetermijnperspectief van waterstof. Volgens Peter Bout van gassenfabrikant Air Products in Rotterdam moet de overheid een stevig handje toesteken, wil Nederland met waterstof een vooraanstaande plaats gaan innemen.
Tekst: Leo Kop
In 2050 moet de Nederlandse energievoorziening volledig duurzaam zijn. De Energietransitie stimuleert, coördineert en ondersteunt ontwikkelingen die een duurzame energievoorziening dichterbij brengen. De energietransitie kent zeven thema's, waaronder Nieuw gas. Binnen dit thema is waterstof een belangrijk onderwerp. De werkgroep Waterstof wees drie regio's aan als kerngebieden voor waterstofactiviteiten, te weten Rijnmond, Arnhem en het Waddengebied.
Aan de slag
Integratie van waterstoftankeiland in een bestaand publiek tankstation
Peter Bout is Project engineer Liquid Hydrogen bij gassenfabrikant Air Products, een belangrijke speler op waterstofgebied en sterk gefocust op het stimuleren van waterstof, vooral in Rijnmond. Bout voorziet voor de toekomst een veelheid aan energiebronnen en energiedragers, net als nu, 'maar waterstof speelt als energiedrager zeker een belangrijke rol, vooral in mobiele toepassingen'.
Probleem is het langetermijnperspectief van waterstof. Bedrijven werken doorgaans met een veel korter perspectief, gericht op winstmaximalisatie binnen enkele jaren. Bedrijven zullen dus niet (zwaar) investeren in waterstof als zij hun investeringen niet in een redelijke tijd terug kunnen verdienen. En de burger stapt niet over op waterstof, bijvoorbeeld als autobrandstof, zolang er onvoldoende mogelijkheden zijn om te tanken en waterstof veel duurder is dan benzine en diesel.
Toch moet er nú onderzoek worden gedaan, moeten er demonstratieprojecten komen, een infrastructuur opgebouwd, kennis en ervaring opgedaan, meent Bout. En dat gaat in Nederland veel te langzaam. 'Er liggen allerlei plannen, maar het duurt vaak eindeloos voor men die daadwerkelijk aanpakt. Het waterstoftankstation in Arnhem bijvoorbeeld. Dat lijkt nu gerealiseerd te gaan worden, maar het plan ligt al jaren en jaren op de plank.'
Nieuwe toepassingen moeten worden ontwikkeld, technische vraagstukken opgelost. Zoals de opslag van waterstof. Bout: 'Hier ligt voor voertuigen nog een uitdaging, omdat de te lage opslagcapaciteit de actieradius te veel beperkt. Dat is oplosbaar. Door het verhogen van de druk, van 350 bar naar 700 bar (dat is technisch al mogelijk) of door het oplossen van waterstof in vloeistoffen. Er is wereldwijd veel onderzoek op dit gebied. Ook Air Products werkt hieraan.'
Kom, overheid
Het onderzoek moet dus doorgaan, maar er zijn ook meer demoprojecten nodig om kennis op te doen en om het grote publiek de voordelen van waterstof te tonen. 'En er moet een infrastructuur komen, bijvoorbeeld van waterstoftankstations. Het bekende verhaal van kip en ei. Automobilisten haal je alleen over om op waterstof over te stappen als er voldoende tankmogelijkheden zijn, maar bedrijven zullen alleen – dure - tankstations bouwen als ze op een redelijke termijn revenuen kunnen verwachten. Er moet olievlekwerking ontstaan, en dat kost veel tijd.'
Mobiele tankstation
Vooral het gebrek aan activiteiten in de Rijnmond baart Bout zorgen. 'Hier in Rotterdam komt het uiterst moeizaam op gang. En dat is raar want we hebben hier alles: de problemen van de grote stad (uitstoot en lawaai) en de oplossing (ondergronds waterstof distributienetwerk). Een rem is de prijs: op waterstof rijden is duurder dan op fossiele brandstof. Een andere belemmering: wat doet de overheid met waterstof op de lange termijn? Dat is van belang voor de consument maar ook voor de uitbater van tankstations, de leverancier van brandstofcellen en andere componenten. Er is maar één manier om dat te doorbreken: de Nederlandse overheid moet de ontwikkelingen een extra handje helpen en plannen voor de lange termijn ontvouwen. De overheid wil immers dat Nederland vooroploopt met waterstof?'
Alle hulp welkom
De overheid kan op veel manieren helpen. Met subsidiëring, maar ook door het creëren van vrije of gratis parkeerplaatsen voor schone auto's in de binnenstad. Zoals in Zweden gebeurt. Door het faciliteren van projecten, bijvoorbeeld door het snel en soepel verlenen van vergunningen. Door waterstofauto's accijnsvrij te maken of door een verlaagde wegenbelasting. 'Geen BPM voor de komende twintig jaar, want dat is natuurlijk ook nog zo'n punt: als je niet de zekerheid biedt dat de voordeeltjes voor een flinke periode gelden, stappen particulieren niet over. En geen ondernemer zal een waterstoftankstation van een miljoen euro neerzetten als over vier jaar zijn subsidies (of die van zijn klanten) ineens kunnen stoppen.'
Voor Air Products, een multinational met vestigingen in veel landen, bepaalt het subsidiebeleid per land waar wel of niet in projecten geïnvesteerd wordt. Bout: 'En dan slaat de balans helaas vaak door in het voordeel van de VS, waar het subsidiebeleid voor waterstof ruimhartiger is dan hier. Daarom staan in de VS al een flink aantal waterstoftankstations en vind je daar de grootste projecten op waterstofgebied. Ook Duitsland en Japan zijn actief in waterstof. Bout: 'In Nederland blijft het helaas allemaal wat kleinschalig. Drie bussen in Amsterdam, waar nu ook een boot wordt gebouwd op waterstof, maar dat is het dan wel. Veel plannen, maar het komt allemaal niet van de grond.'
Projecten
Air Products was de afgelopen jaren bij vier waterstofprojecten betrokken. Twee sneuvelden voortijdig. Bout: 'Heel diverse projecten. Een project op het gebied van de scheepvaart. Wat is er nu passender voor Rotterdam als havenstad? Gesneuveld in het voortraject. Wel ging een project door voor het maken van waterstof uit bioethanol, samen met HyGear, en een project voor een generator op waterstof, in opdracht van Rijkswaterstaat.'
Een plan van Air Products dat het ook (nog) niet haalde betreft een bejaardentehuis in Zwijndrecht, waar men met waterstof en brandstofcellen wilde verwarmen en elektriciteit opwekken. Bout: 'Ook zo'n project maakt in de VS meer kans dan in Nederland, vanwege de subsidies.'
Toch zijn de omstandigheden in Rijnmond ideaal voor waterstofprojecten. Bout: 'We hebben de problemen, we hebben de oplossingen èn de infrastructuur.' Rotterdam heeft veel problemen met fijnstof, NOx, CO2 en lawaai. Rijnmond produceert veel waterstof. De raffinaderijen maken het, maar gebruiken het zelf ook grotendeels. Air Products produceert waterstof voor derden en transporteert dit over de weg, maar ook via een eigen ondergrondse pijpleiding in Rijnmond van vijftig kilometer lang. Waterstof wordt op diverse plaatsen in- en uitgenomen. Bout: 'Dat biedt prachtige mogelijkheden voor waterstoftoepassingen. Denk aan verwarming van flats met waterstof in Rotterdam-zuid en aan tankstations. De waterstof hoeft daarvoor niet over de weg te worden vervoerd, dus weinig kans op interrupties. Een ideale plek om de olievlek te beginnen. Maar wil je zoiets van de grond krijgen, dan is extra hulp nodig. Zo is geld voortdurend een rem op de ontwikkelingen.'
Veel mogelijk
Tankinstallatie voor de Duitse marine
Air Products maakt waterstof voor derden, zoals raffinaderijen, de elektronica-industrie, metaalbedrijven en researchlaboratoria. Air Products doet ook veel aan onderzoek. Het bedrijf wordt daardoor vaak als partner gekozen voor projecten, zoals het ontwerpen en bouwen van tankstations en het afscheiden van CO2 bij het reformen (produceren) van waterstof. Onlangs bereikte het bedrijf de mijlpaal van de vijftigduizendste waterstof-tankbeurt. Air Products bouwde wereldwijd al meer dan 70 tankstations voor waterstofauto's, bussen en vorkheftrucks.
Ook ontwierp en bouwde Air Products voor de Duitse marine een mobiel waterstoftankstation voor onderzeeërs. Waterstof en brandstofcellen maken een geluidloze aandrijving mogelijk. De waterstof voor de Duitse marine wordt in Rotterdam gemaakt en ter plaatse via een mobiel tankstation omgezet van vloeibaar naar gas met de juiste druk.
Recente ontwikkelingen rond waterstof, ook op het gebied van mobiliteit, richten zich op kleinere toepassingen, zoals rolstoelen, fietsen en vorkheftrucks.
