Opinie
Is Nederland klaar voor waterstof? Onderwijs mogelijk bottleneck – April 2008
Waterstof biedt kansen voor de Nederlandse economie. Naar verwachting wordt waterstof rond 2015 commercieel en zal de vraag naar waterstofkennis explosief stijgen. Het onderwijs moet hier nu op inspelen.
Tekst: Leo Kop
Waterstof speelt in de energiehuishouding van de toekomst een belangrijke rol. "Daarover bestaat geen twijfel meer", zegt Daan Maatman, Programmaleider Technologie van denktank Hiteq in Hilversum. "Allerlei studies en belangrijke maatschappelijke organisaties ondersteunen dit idee. Zoals de energietransitieplatforms en de Algemene Energieraad."
Wel zijn er nog veel onzekerheden over de precieze richting van de ontwikkelingen. "Komen er straks pijpleidingen of wordt waterstof met tankauto's naar tankstations vervoerd, zoals nu benzine en lpg? Groeit de brandstofcel door als commerciële toepassing of blijft de verbrandingsmotor een rol spelen? En hoe gaat het met de grootschalige duurzame productie en de opslag van waterstof? Vragen die nog een oplossing vereisen."
Het aantal waterstofauto's groeit exponentieel vanaf 2015
Volgens het Europese visieproject HyNet (2004) is waterstof rond 2015 commercieel toepasbaar. Maatman: "Vooral in de mobiele sector. Stationaire toepassingen op grote schaal, bijvoorbeeld in de ketelsector, liggen wat verder weg. Recente verkenningen en scenariostudies laten zien dat het aandeel waterstof in de Nederlandse energiemix snel zal groeien: naar vijftien procent in 2030."
Banenmotor
Waterstof biedt de Nederlandse economie goede kansen. We hebben weliswaar geen sterke positie in de productie van voertuigen, maar wel in de toeleveringsindustrie. Verder liggen er kansen in de productie van waterstof en bij de aanleg van infrastructuur. Nederland telt bovendien al een aantal toonaangevende waterstof- en brandstofcelbedrijven, er lopen experimenten en universiteiten en hogescholen doen onderzoek en verzorgen onderwijs op waterstofgebied.
"Wij hebben een goede kennisinfrastructuur. Onze uitgangspositie is dus prima", zegt Maatman. "De Amerikaanse waterstofgoeroe Jeremy Rifkin meent dat Nederland door zijn uitstekende kennisinfrastructuur en zijn beperkte grootte zeer geschikt is voor waterstofpilots. Nederland zou op Europese schaal een belangrijke rol kunnen spelen. Wij exporteren ook veel waterstofkennis via buitenlandse studenten aan onze universiteiten. Maar we passen die kennis zelf nog onvoldoende in eigen land toe."
Hiteq, centrum van innovatie in Hilversum, is een onafhankelijke denktank op tal van gebieden, onder andere energie. Hiteq ontwikkelt geen technologieën, maar doet verkenningen, zoekt naar trends en ontwikkelt toekomstscenario's. Het gaat daarbij om de positie van Nederland op wereldschaal. Bij dit alles gaat het uiteindelijk om de vertaling van ontwikkelingen naar technische beroepen: wat voor soort mensen hebben wij straks nodig, met welke competenties, welke technologische kennis?
Op dit moment biedt werken in Nederland enkele honderden mensen in de waterstofsector. Als we tijdig op de ontwikkelingen inspelen, kan de sector over pakweg tien jaar 40.000 arbeidsplaatsen tellen. "Het onderwijs is in deze cruciaal", meent Maatman.
Niet afwachten
Om op waterstofgebied een rol te spelen heb je niet alleen technologische kennis op hoog niveau nodig, maar ook voldoende spreiding van kennis naar mensen en bedrijven. "De kennis is er", zegt Maatman. "Op universitair niveau lopen Delft en Utrecht voorop. Twente is een goede derde. Op HBO-niveau zijn de HAN (Hogeschool Arnhem en Nijmegen) en de Haagse hogeschool actief. De HAN heeft zelfs een waterstoflaboratorium, gekoppeld aan de hts autotechniek."
Op MBO-niveau en daaronder gebeurt er echter nog nauwelijks iets. "En als je in 2015 de beschikking wilt hebben over MBO-ers en VMBO-ers met waterstofkennis, moeten in 2012 de eerste studierichtingen starten. En dan moet je uiterlijk 2010 beginnen met het ontwikkelen van lesprogramma's. Dat is al snel."
Waterstoftechnologie is complex. Het werken met waterstof vraagt om andere technieken, andere kennis en voorzieningen dan het werken met lpg, benzine en aardgas. Dus zijn er andere competenties nodig. Maatman: "Zorg dus dat je parallel aan de fundamentele technologische ontwikkeling aan universiteiten en HBO inventariseert wat je straks binnen het onderwijs nodig hebt op de verschillende niveaus. Er moet ruimte worden gecreëerd binnen het onderwijs voor waterstof. En niet alleen binnen het beroepsonderwijs, maar ook in het algemeen vormend onderwijs, vanaf de basisschool, al willen we niet met het laatste beginnen. We richten ons bij dit alles niet alleen op studenten en leerlingen, maar ook op docenten."
Het is een beetje het probleem van de kip en het ei. "Er is nog nauwelijks vraag naar waterstoftechnici. Dus leiden we er niet voor op. Maar straks komt de vraag ineens opzetten, breed, op alle niveaus. Je bent te laat als je dan nog curricula moet ontwikkelen en mensen opleiden. Via de Initiatiefgroep Waterstof en Onderwijs, een steeds groter wordende groep onder de vlag van de Nederlandse Waterstofvereniging proberen we de (V)MBO-scholen hiervan te overtuigen. En we nemen meer initiatieven om waterstof verankerd te krijgen in de maatschappij: de bedrijven, opleidingen, de kennisinstituten. Zoiets gaat niet vanzelf. Je kunt niet wachten tot de markt het regelt, want dan zijn we te laat."
Exponentiële vraag
Waterstof- en brandstofcelpioniers als HyGear en Nedstack in Arnhem groeien snel. Deze bedrijven leiden nu vaak - noodgedwongen - zelf hun nieuwe mensen op. Maat-man: "Dat kan nu nog. Maar als waterstof grootschalig wordt toegepast niet meer. Neem de mobiele sector. Er rijden nu in Nederland maar een paar voertuigen op waterstof. Op het moment dat dit wordt opgeschaald en waterstof breed wordt ingezet, moet elke garage ineens ook waterstofmotoren aankunnen. Dat vraagt om andere installaties binnen de garage, om veiligheidsvoorzieningen, toegepaste technologische kennis etc. Het moet allemaal gebruikt worden, onderhouden, gerepareerd. De autobranche moet die kennis dan ineens hebben: bouwers, dealers, toeleveranciers, de gespecialiseerde reparatie- en onderhoudsbedrijven. En neem het transport van waterstof van bron naar eindgebruiker. Of we nu straks tanken bij tankstations of onze tank vanuit een leiding thuis vullen, er zal kennis moeten zijn voor het bouwen en onderhouden van installaties, van waterstofopslag etc. Kennis van waterstoftechnologie moet zijn intrede doen in tal van disciplines, zoals werktuigbouw, elektrotechniek, meet- en regeltechniek, procestechnologie en elektrochemie."
Nu
Hiteq heeft een beeld ontwikkeld van wat je waar in het onderwijs moet doen om te voorkomen dat we in Nederland op waterstofgebied vastlopen bij gebrek aan de juiste mensen om het werk in de praktijk op te pakken. Maatman: "We richten ons op 2015 als het jaar waarin de opschaling begint. Verschillende studies wijzen in die richting. De opleidingen zullen dus op korte termijn aan de slag moeten. Er moet duidelijkheid komen over welke soorten opleidingen er moeten komen en welke competenties de studenten moeten verwerven, bijvoorbeeld mensen die een waterstofinstallatie aanleggen. Maatman: "Onzekerheden genoeg. Ik begrijp dat dat het moeilijk maakt om nu concrete keuzes te maken in het onderwijs. Maar we kunnen niet wachten. Andere landen zijn ook actief met waterstof- en brandstofcelopleidingen. Sommige landen beschikken al over een publieke database met lesmateriaal over waterstof."
